Chiuso per Ferie

Chiuso per ferie, oftewel dicht voor vakantie, stond op de deur van mijn koffiebar om de hoek. Ik liep door, op zoek naar een verkoelend drankje voordat ik zin had verzameld om boodschappen te gaan doen. Ik was net een paar uur thuis in Florence. In de zomer ben ik vaak een paar weken in Nederland. Deels om de hitte te ontvluchten en deels omdat Florence, maar Rome en eigenlijk alle andere steden in Italië ook, spooksteden zijn in de maand augustus. Waar zijn alle Italianen dan? Zul je je misschien afvragen. Nou, op het strand.

Het voelde een beetje als die die film Passengers, waarin Chris Pratt negentig jaar te vroeg ontwaakt uit zijn slaaptoestand onderweg naar een nieuwe planeet en al zijn medepassagiers nog slapen. Zo voelde de terugkomst in Florence. Ik had me dagen, zo niet weken, verheugd op het plezier om weer op Italiaanse bodem te zijn. Maar de stad was uitgestorven. Dat niet alleen, want dat zou op zich niet verkeerd zijn, maar alles was dicht. En niet voor een paar dagen. Nee, voor een máánd. Alles was een maand dicht. Hoe was dat mogelijk?

Ik besloot even in de traditie van ferie te duiken. Voordat ik het door een vertaalmachine had gegooid vond ik het nogal mysterieus klinken namelijk. De oorsprong is echter wat minder mysterieus. Deels schijnt de sluitingsperiode van een maand haar oorsprong te vinden in slecht gekoelde gebouwen, waardoor het zo’n honderd jaar geleden al moeilijk was om te werken in de hitte. Daarnaast werden er in het fascistische tijdperk in deze periode flinke kortingen gegeven op regionale treinreizen.

Rond de jaren vijftig werden Fiat’s betaalbaar en strandvakanties pas echt populair. Er ontstond een heuse cultuur omheen. Dan bedoel ik een cultuur van parasols, strandbedjes, gebruinde huid, strandbarretjes waar koffie, fruitsalades, zakjes chips en pakjes sigaretten gekocht konden worden. Er ontstonden ook plekken waar, op het heetste tijdstip van de dag, geluncht kon worden met een bord pasta of rijstsalade.

Vanaf dat moment werd het sluiten voor ferie een beetje een kip/ei verhaal. Bedrijven gaan dicht omdat er geen klanten zijn, maar er zijn geen klanten omdat ze “in ferie” zijn. Een aantal jaar geleden is er kritiek geweest op het feit dat zelfs het parlement met vakantie zou zijn in deze periode. Aangezien een maand gesloten zijn economisch gezien best een uitdaging kan zijn, proberen veel moderne bedrijven dit te veranderen. Het resultaat was alleen dat alle werknemers toch vrij namen in deze periode en sluiten onvermijdelijk was. Dit is natuurlijk met een korreltje zout te nemen want iets zegt mij dat de Italianen deze traditie graag laten voor wat het is.

Mijn buurvrouw vertelde me echter dat augustus haar favoriete maand in de stad is. Het is namelijk iets minder warm dan in juli en de stad ademt een rust uit waardoor werken juist prettiger is. Ik merkte al snel dat ze gelijk had. Het leven vereist wel wat aanpassingen, zo rijdt het openbaar vervoer nóg sporadischer (dat leek me onmogelijk maar kan blijkbaar wel) en moet je het doen met de winkels die wél open zijn. Maar terwijl ik op een verlaten terras aan een Campari spritz zat en er geen mensenstroom maar alleen het oranje avondlicht voorbij trok dacht ik, ik begrijp het eigenlijk wel. Volgend jaar augustus ben ik dus gewoon de hele maand in Florence te vinden, als een van de gelukkigen.

Previous
Previous

Boetes

Next
Next

Eiland Hotel